maandag 21 november 2011

winterklaar

Bijna een jaar geleden begon ik dit weblog ´goed voornemen´. Ik schreef toen het volgende: "Het is december wanneer ik met dit blog begin. Tijd van de goede voornemens. Zelf heb ik er altijd bovengemiddeld veel last van. Van goede voornemens. Ik heb ze in verschillende soorten en maten, maar er is altijd één constante: 'meer willen schrijven'. Dus besluit ik hier te schijven. In eerste instantie over mijn experimenten met het maken van appelcider. En verder over koken en zoveel mogelijk 'zelf doen'..." 
Schrijven is één, gelezen worden is twee. En nadat ik de afgelopen twee maanden helemaal niet had geschreven, begon mijn kleine lezerspubliek hier en daar een beetje te morren. Ik kreeg zelfs een bericht van een wat geïrriteerde mevrouw uit Noorwegen, die ´die kistjes voor de kas´ onderhand wel zat was. En gelijk heeft ze, stor klem! Daarom begin ik - met mijn goede voornemens voor ogen - weer met schrijven.
Drie weken geleden heb ik de kas winterklaar gemaakt. Directe aanleiding was het plotseling ter ziele gaan van mijn tomatenplanten, na de eerste paar nachten vorst. Er hingen nog wel wat tomaten aan, maar de fut was er imiddels toch wel uit. Ze werden bovendien geplaagd door schimmels die de stammen en bladeren aantastten. Dus heb ik alle planten ´geruimd´: dat gaf een zee aan ruimte, ook al geeft deze verticale panoramafoto wel een erg gunstig beeld van de kasruimte. Op dit moment hebben we nog verschillende planten en kruiden staan:
- Kruiden, zoals thijm, oregano, koriander, peterselie, munt, laurier en salie. Die laatste twee heb ik ergens aan het begin van de herfst gestekt. De laurier wilde niet wortelen, maar de salie deed het vrij goed. Daar heb ik nu dus verschillende kleine plantjes van staan. Het verbaast me dat alle genoemde kruiden de lichte nachtvorst tot nu toe hebben overleefd, zelfs de koriander en peterselie...
- Twee potten met Valeriaanplantjes. Die heb ik van de zomer zelf gezaaid en opgekweekt: ik was benieuwd of het wortelextract inderdaad een kalmerende werking op me zou hebben. Over een vooruitziende blik gesproken...

- Het vijgenboompje. In de loop van de zomer verschenen er een stuk of vijf vijgen aan, maar die wilden niet rijpen. Pas ver in de herfst, toen ik ze eigenlijk al had afgeschreven, verkleurden ze toch en werden ze rijp. L. heeft er nog één meegenomen naar school: tijdens haar spreekbeurt over ´de tuinkas´ vroeg ze of iemand wist wat voor een vrucht dit was. Behalve de juf wist niemand het natuurlijk. Achterlijke vinex-kinderen.
- En natuurlijk hebben we nog de krulsla en andijvie, in de houten kistjes. Die groeien heel erg langzaam, maar ze zijn - getuige deze foto - wel degelijk aangeslagen. Ik kijk al uit naar de dag dat ik bij die irritante kerel van het tuincentrum mijn gelijk zal halen...

woensdag 5 oktober 2011

kistjes voor in de kas

Ik ben de laatste paar weken full-time bezig met ´actief ontspannen´. Soms heb ik daarvoor goede ideeën, zoals vorige week toen ik mezelf voornam: ´bij het tuincentrum gaan kijken of ze iets voor in de kas hebben waar we deze herfst nog andijvie en veldsla in kunnen kweken´. En C. gaat natuurlijk graag met mij mee, op zo´n zonnige nazomerochtend.
Meteen bij binnenkomst van een niet nader bij naam te noemen tuincentrum valt ons oog op enkele houten fruitkistjes, die in de etalage staan. "Schattig", zegt C. en ik ben het met haar eens: ze zijn inderdaad erg praktisch. We oriënteren ons nog wat verder, maar alternatieven vinden we alleen in ongezellige en ongezonde plastic bakken. Dus vragen we waar we die houten kistjes kunnen vinden. De opgeruimde jongedame in tuincentrumtenue heeft geen idee, maar ze weet wel wie het wel weet, en ze zal hem even roepen. Even later worden we geholpen door een agrarisch uitziende man van middelbare leeftijd, die inderdaad uitstraalt dat hij het allemaal wel weet. C. vertelt dat we een tuinkas hebben, en dat we daarin dit najaar nog wat andijvie en sla willen kweken en dat we daarvoor wat houten fruitkistjes willen gebruiken en waar we die kunnen vinden. "Daar bent u veel te laat voor", zegt de man en hij kijkt ons streng, bijna bestraffend aan. "U had dat al veel eerder moeten zaaien, dat gaat nu nooit meer aanslaan". 

We zijn even uit het veld geslagen (veldsla), want zijn een uiterst grove, uit de klei getrokken boerenkop, duldt geen tegenspraak. En bovendien vrezen we dat hij - met zijn komaf - wel eens gelijk zou kunnen hebben. Maar op de een of andere manier zorgt deze contra-productieve boerenlul ervoor dat wij die kistjes nu helemaal willen hebben, dus of hij dan toch kan zeggen, waar we ze kunnen vinden.
Om een lang en ongezellig verhaal kort te maken: de kistjes staan ondertussen in de kas en de sla- en advijvieplantjes doen het uitstekend. En - al moet ik die groenten de komende weken persoonlijk in de nachtelijke vorst gaan staan warm föhnen - sla en andijvie uit eigen kas zullen we deze herfst nog eten!

maandag 12 september 2011

appelsambal

Beter een goede buur dan een verre vriend, maar liever nog allebei. Zo proefde ik ooit bij mijn goede vriend P. een geweldige appelsambal, die hij van zijn Indonesische buurvrouw had gekregen. Best mogelijk dat die ook in de betere toko verkrijgbaar is, maar in de reguliere winkels ben ik zo'n sambal nooit tegengekomen. Met andere woorden: zelf maken! Gelukkig blijft onze rode peperplant goed produceren, dus kon ik met pepers uit eigen kas aan de bak:
Eerst twee uien gesnipperd en in zonnebloemolie gefruit. Hier een hand vol fijngesneden kerstomaten aan toegevoegd. Daarna twee Elstar appels in kleine blokjes gesneden, en vijf pepers fijngehakt, en dit met de uien en tomaten laten meebakken. Dit mengsel na een paar minuten afgeblust met wat appelcider azijn en verder op smaak gebracht met een flinke theelepel kerriepoeder, wat ketjap, zout en een beetje suikerstroop. Daarna de sambal even met de staafmixer fijngehakt en nog een keer kort gebakken. En uiteindelijk hield ik van dit alles niet meer dan twee kleine potjes sambal over. Niet heel veel dus, maar wel heel veel smaak.
Ik ben geneigd dit stukje te besluiten met een flauwe woordgrap over hoe deze sambal heet, maar die ligt te veel voor de hand. Wel scherp blijven...

zaterdag 10 september 2011

´sombere´ zomer

Laatst zag ik een weerman op tv, die de afgelopen zomer bestempelde als ´de natste, koudste en dus meest sombere zomer van de afgelopen 100 jaar´. Ik ben niet het type dat hier nou meteen een groot punt van gaat maken, met ingezonden brieven en berichten op meteorologische fora. Maar ik wil toch even wel kwijt dat ik het met de kwalificatie ´somber´ niet eens ben.
Want als ik ergens somber van word, dan is het zo´n zomer, met wekenlang hetzelfde, bloedhete weer. En dat je weet dat het de komende tijd ook zo zal blijven. Zo´n zomer, met strakblauwe, eindeloos lange dagen, waarin de huis- tuin en keukendeur wordt platgelopen door de kinderen met daar achteraan grote aantallen vaag bekende vriendjes uit de buurt die zeuren om limonade en snoep, of je hun waterballonnen kunt vullen, waar de wc is en of het zwembad in de tuin nou eindelijk kan worden opgezet. Ok, ik overdrijf weer. Ik wil maar zeggen dat ik zelf meer van ´het wisselvallige´ ben. Ook als dat betekent dat het wat vaker nat is.
En, dat is meteen ook goed voor mijn nieuwe interesse: (liefst eetbare) paddestoelen! Die verschijnen dan wellicht wat vaker in de kas. Neem nou die prachtige witte kelkjes hier op de foto. Ze groeien in de houten bak, tussen de marjolein, munt, salie en rozemarijn. Geen idee welke soort het is; ze lijken een beetje op de bokaalkluifzwam, maar waarschijnlijker is het, dat ze tot een van de vele soorten bekerzwammen behoren.
En ook deze twee kleine paddestoelen, die ik tussen de aardbeienplanten vond, kan ik - letterlijk en figuurlijk - nog niet thuisbrengen. Ze lijken op gordijnzwammen, maar daar zijn heel veel soorten van, en een aantal is giftig.
Enfin, voorlopig waag ik me nog niet aan het eten van de obscure soorten die ik vind. Anders zou deze zomer wel heel erg somber kunnen aflopen.

zaterdag 3 september 2011

terug naar de natuur

Nog even over onze vakantie in Noorwegen. Die was om verschillende redenen fantastisch, ik noem er hier slechts enkele: afgezien van een handjevol steden en een paar prachtige staafkerken is er verder weinig ´cultuur´, die je gezien moet hebben. En dat geeft rust. Aan de andere kant is er een overweldigend aanbod ongerepte natuur, waar je bovendien bijna niemand tegenkomt. En dat geeft nog meer rust... 
Geen wonder dat mijn lichaam zich in de eerste week van de vakantie overgaf aan een veel te lang uitgestelde, aan griep grenzende verkoudheid. Op zich jammer, maar tegelijkertijd kon ik mijn nieuwe hobby, het-zoeken-van-geneeskrachtige-planten-en-kruiden-in-de-vrije-natuur, volop in praktijk brengen. Ik ben me in eerste instantie dan ook vooral te buiten gegaan aan verse bladeren van de paardebloem, want die zitten schijnbaar barstensvol met vitamine C. Dat ze bitter zijn, dat staat ook in mijn veldgidsen, maar de Noorse paardebloem zoekt wat dat betreft de grenzen van het toelaatbare op. 

Er zijn mensen die beweren, dat als iemand op een zeker moment bepaalde kruiden nodig heeft, dat die kruiden ook in zijn directe omgeving te vinden zijn. Ik ben zelf niet zo holistisch ingesteld, maar opvallend was het wel dat het, pal naast onze hytte, vol stond met Moerasspirea. Al doende leert men, en ondertussen weten we ook dat - als je je in het Hoge Noorden bevindt en er in de omgeving veel moeras- spirea te vinden is - dat er dan ook veel muggen zijn. Echt heel veel muggen. Maar daar gaat het nu even niet over. 
Moerasspirea is de eerste plant waar men de stof salicylzuur in heeft ontdekt; dat is de werkzame stof in aspirine. Inderdaad, het woord aspirine komt van spirea, aangevuld met de letters in. Deze plant wordt van oudsher al toegepast bij o.a. verkoudheid, gewrichtspijn en zelfs obesitas. Ik kom overal voor in aanmerking, dus ben ik van de verse bloemen eens thee gaan zetten: de smaak van spirea is heel erg bitter en tegelijkertijd heeft het een aangename, zachte amandelsmaak. Puur is het niet echt lekker, maar met een scheut ahornsiroop is het best goed te doen. Over ´niet lekker, maar wel gezond´ gesproken; ik heb deze vakantie ook nog thee getrokken van jonge berkenbladeren. Daar zit ook veel vitamine C in, is bloedzuiverend en goed bij blaasaandoeningen. En - dat begint op mijn leeftijd ook een issue te worden - het wordt toegepast in haargoeimiddelen.
Enfin, mijn verkoudheid heeft zoals gewoonlijk een week geduurd. Maar ondertussen ben ik weer een paar natuurlijke smaakervaringen rijker. En dan heb ik het nog niet eens gehad over gekookte engelwortel, of thee van klaverbloem. Nou ja, misschien een andere keer...

woensdag 24 augustus 2011

roast tomato sauce

Een paar weken geleden liep onze tomatenproductie nog als een trein. Toch zou ik deze foto niet hebben kunnen maken, als we M. z´n gang hadden laten gaan. Wat kan die jongen een tomaten eten! Een appel hoeft ´ie niet mee naar school: "doe maar gewoon tomaten", zegt hij dan. Anyway, we hebben hem enigszins gerantsoeneerd, want ik wilde toch eens roast tomato sauce maken. Dus de oven voorverwarmd op 180 °C en de ovenplaat gevuld met verschillende soorten tomaten uit eigen kas. Een paar tenen knoflook (in de schil), peper, zout, takje rozemarijn erbij en olijfolie er overheen. Dit in de oven gezet en na een half uurtje de temperatuur iets teruggezet omdat de tomaten anders teveel roast werden. Na twee uur vond ik het voldoende, maar sommigen roosteren de tomaten nog veel langer op een lagere temperatuur. Daarna het tomatenmengsel met een pollepel door de zeef geduwd. Ondanks dat het tomatensap behoorlijk concentreert, viel de opbrengst me nog redelijk mee. Wat er in de zeef achterblijft is weliswaar voor een groot deel schillen en pitjes, maar toch vond ik het zonde om weg te gooien. Dus heb ik het met de staafmixer gepureerd en er een rode tapenade van gemaakt die ook C. erg lekker vindt. Maar het ging me natuurlijk om de geroosterde tomatensaus: die is - u had niet anders verwacht - tamelijk briljant. Ik heb ze in een paar potten geweckt en die staan geduldig te wachten tot het eerste goede moment.

De smaak van onze tomaten varieert van ´erg lekker´ tot ´geweldig´. Erg jammer dus dat ik zo slordig met de labels in de kas ben omgegaan. Want nou weet ik niet meer precies hoe de categorie ´geweldig´ heet. Gezien de grootte zijn het cherrytomaten, maar ook daar zijn natuurlijk verschillende soorten in. Maar goed, ook leuk om volgend jaar weer lekker veel soorten uit te proberen. In plaats van alles maar op de au-tomat-ische piloot...

zondag 21 augustus 2011

ik vind ramsløk

Ook al heb ik er nog weinig verstand van, ik vind het leuk om in de vrije natuur op zoek te gaan naar eetbare planten en kruiden. En als je op vakantie bent in Noorwegen, dan kom je wat dat betreft hartelijk aan je trekken.
Eén van de wilde planten die ik helaas zelf niet kon vinden is ´ramsløk´. Maar gelukkig is mijn Schone Zus uit Noorwegen daar wel in geslaagd en zo konden wij bij haar genieten van de lekkerste, zelfgemaakte kruidenboter met ramsløk. Ramsløk hoort tot dezelfde familie als de ui en de knoflook (Alliaceae) en in Nederland noemen we het ´daslook´. Overigens, als je het in Nederland zou kunnen vinden, dan mag je het niet eens plukken, want het is bij ons een zeldzame en dus beschermde plant. In Noorwegen komt de plant veel algemener voor en groeit op vochtige, schaduwrijke plekken, vooral in het bos. Gelukkig kregen we bij ons afscheid een potje ramsløk kado en maken wij nu zelf de lekkerste kruidenboter. Maar ook als je het door je gehakt mengt, weet je niet wat je proeft, en zo zijn er nog honderden mogelijkheden voor salades, soepen en sauzen. Het schijnt dat je vergiftigingsverschijnselen krijgt, als je er te veel van eet. Maar wij hebben daar geen last van en eten er zoveel van als we kunnen...