woensdag 23 mei 2012

Tomatoverschot

Het is buiten een graad of 26 en ik snak naar een koud glas bier. Of limonade desnoods. Maar in plaats daarvan heb ik zojuist verse munt uit de kas geplukt (´want als ik die nu niet gebruik dan gaat het nooit meer op´), zit ik aan een kom gloeiend hete muntthee en vraag me af of mijn hobby me wellicht boven het hoofd groeit... Letterlijk in ieder geval wel, want de meeste tomatenplanten zijn nu al een meter hoog!
Ik moet even denken aan het verhaal van een oude schoolvriend met zijn fanatiek moestuinende vader, die soms weken achtereen tuinboontjes at. Dat soort tafel-taferelen wil ik voorkomen, al moet ik toegeven dat ik hard op weg ben naar een monocultuur in de kas: er staat vooral heel veel tomaat. Van alles en nog wat: vleestomaat, rond, pruim, kers... En ze groeien allemaal enorm dus ik moet steeds kiezen welke planten blijven en welke niet. Gelukkig zijn er veel geïnteresseerden en heb ik er al veel vrienden, familie en zelfs de halve klas van L. blij mee kunnen maken. En het schijnt dat iemand die een kado geeft minstens zo gelukkig wordt van het geven, als degene die het ontvangt. Hebben we hier dus - automatisch - te maken met een echte win-win situatie.

maandag 21 mei 2012

asperge & soep

Staat op een avond vriend T. voor de deur met een tasje asperges en een mooie witte wijn: "Alsjeblieft! Ik deed mijn traditionele asperge-rondje altijd voor de klanten. Nu doe ik dat voor mijn vrienden..." Ik heb hem natuurlijk gezegd dat hij op die manier wel erg goed bezig is...
Een paar dagen later heb ik - geheel tegen mijn grillige natuur in - de asperges volledig traditioneel klaargemaakt, met aardappelen, ham, eieren en botersaus. Maar voor het eerst heb ik deze keer de schillen bewaard en daarvan een aspergesoep gekookt. Geleerd van mama: De schillen even wassen, daarna gewoon koken, en van het kookvocht (de schillen uiteraard niet gebruiken, gewoon weggooien) een soepje maken op basis van een simpele roux en - weer volledig traditioneel - ham en eieren. Verder alleen op smaak brengen met peper en zout, that´s it... Als het eentonig wordt, moet u het vooral zeggen, maar hierbij toch ons oordeel over de soep: ´heel erg goed´.

dinsdag 20 maart 2012

tomatoverzicht - deel 2

De bovenkamer wordt onderhand weer wat vol, en dat bedoel ik deze keer eens niet figuurlijk. Ik kon het namelijk niet laten om aan de tomatenplanten Moneymaker, San Marzano, Ossenhart, Ventura, Ruby Red en Sungold, die het bureau al grotendeels vulden, nog drie soorten toe te voegen. Er staan nu ook wat kiembakjes met Chipano F1, St. Pierre en Tiny Tim. De eerste vijf soorten groeien erg goed; de meeste planten zijn al zo´n 10 cm hoog. Van de laatste drie beginnen de eerste nu te kiemen. En dan zou ik er bijna nog één vergeten: Tasty Tom. Dat is - wat ons betreft - de lekkerste  tomaat van de buurtsuper: zoet, sappig en helaas ook erg duur. Dus heb ik wat zaadjes van een Tasty Tom apart gehouden, gedurende slechts één dag gedroogd en in een kiembakje gestopt. Tot mijn verbazing kwamen ze bijna allemaal uit! Het is wel de vraag wat de kwaliteit gaat worden, want ik heb eens gelezen dat je op deze manier meestal geen raszuivere planten - en dus veel variatie - krijgt. Maar dat gaan we de komende tijd wel zien...
Ik heb het hier wel eens vaker gehad over geduld en dat dat zo´n schone zaak zou zijn. Maar ik ben wel benieuwd wanneer de tomatenplanten de tuinkas in kunnen. Sinds afgelopen herfst weet ik echter dat ze helemaal niet bestand zijn tegen vorst: zelfs de grootste planten legden het loodje, na de eerste serieuze nachtvorst, ergens begin november. Dus hoe zat dat ook al weer met ´IJsheiligen´... (Lang leve wikipedia en het KNMI:) IJsheiligen heeft te maken met een volkswijsheid die al sinds het jaar 1000 in onze streken wordt gebruikt. Het is vernoemd naar de katholieke heiligen Mamertus, Pancratius, Servatius van Maastricht, Bonifatius van Tarsus en Sophia van Rome, die respectievelijk op 11 tot en met 15 mei hun naamdagen hebben. De enige heilige die iets te maken heeft met vorst is de laatste, ´koude´ Sophie, die in de elfde eeuw de beschermelinge was van de vorst. 
Deze periode in mei werd (en wordt nog steeds) gezien als de grens waarna de kans op nachtvorst nog maar gering is. Het is overigens een fabeltje dat tijdens IJsheiligen de kans op nachtvorst juist groter zou zijn, of dat een omslag richting zomers weer vaker voor zou komen. IJsheiligen was vooral vroeger een serieus begrip, want een kapot gevroren gewas kon natuurlijk rampzalig zijn. Maar dat men er ook wel humoristisch mee omging, blijkt wel uit de volgende weerspreuk: "Wie zijn schaap scheert voor St. Servaas, houdt meer van wol dan van het schaap." En deze is ook wel aardig: "Vóór IJsheiligen de bloempotten buiten, veelal kun je er dan naar fluiten".
Dus wacht ik voorlopig nog even met alles buitenzetten: "Tomatenplanten nog even binnengesloten; voor je ´t weet, zijn ze naar de kloten".

dinsdag 13 maart 2012

ik hangop

In het boek over het Groene Hart, ben ik aangekomen bij het hoofdstuk over Zuivel. Dat is namelijk het thema van de maand maart. Ik had me nooit afgevraagd waar het woord ´zuivel´ vandaan zou komen, maar hier lees ik dat het is afgeleid van het Oudsaksische ´subal´, wat weer uit het Oudindische ´supa´ zou komen en soep of saus betekent. Dat weten we dan ook weer. 
Niet geheel zonder zelfspot, wordt onder de noemer ´culinair historisch erfgoed´ een aantal zuivelproducten op een rijtje gezet zoals: goornat, rijstebrij, smoort, jan-in-de-zak en hangop. Inderdaad niet direct dat het water je hiervan in de mond loopt, maar toch wilde ik eens kijken of ik zelf ook hangop kon maken. En vooral hoe dat dan smaakt. Dus heb ik dit weekend een pak yoghurt in een natte kaasdoek gegoten, en dat onderaan een pollepel in een grote pan gehangen. It´s as simple as that. Je zou verwachten dat de yoghurt na verloop van tijd gewoon door die doek heen loopt, maar dat gebeurt niet. Er druppelt alleen langzaam wat wei-achtig vocht door de doek, en na een halve dag hangen, is dat ongeveer de helft van de oorspronkelijke hoeveelheid yoghurt. Ik heb dat vocht direct door de gootsteen weggespoeld, maar ik las zojuist dat dit dus het zogenaamde goornat is, en dat het ondanks de benaming best goed drinkbaar zou moeten zijn. Hè wat jammer nou...
Dan de hangop. Bij het uitpakken bleek de yoghurt een vrij stevige, plakkerige bal te zijn geworden. Impressie van de eerste hap: op z´n zachtst gezegd niet geweldig. Ik heb het dan niet zozeer over de smaak, maar vooral het enorm droge mondgevoel, en de ongelofelijke dikte van de hangop. Zo zwaar en droog dat je het bijna niet krijgt doorgeslikt! Maar als ik verder eet, en mijzelf richting het midden van die zware bal werk, wordt de structuur lichter, minder droog en smeuïger. De smaak is minder zuur dan de yoghurt, waar het mee begon en komt nog het best in de buurt van kwark. Je kunt je voorstellen dat dit best OK kan smaken, als je het als desert in een of ander Zwols toprestaurant krijgt geserveerd, met rabarberschilfertjesijs, bosaarbeitjes en steranijs..
En toch vind ik de hangop niet echt voor herhaling vatbaar. Maar als ik dezelfde regel volg als die we voor de kids hebben ("je mag pas zeggen dat je iets niet lust als je het tenminste zeven keer hebt geproefd") dan zou ik mezelf nog minstens zes kansen moeten gunnen... Eerlijk zeggen? Weinig kans daarop! Ook al realiseer ik me terdege, dat ik daardoor misschien wel nooit zal weten hoe eerlijk, ambachtelijk goornat smaakt. Het zij zo!

vrijdag 9 maart 2012

grootse ketchup


Wij zijn gezegend met een stel ´relaxte´ kinderen. Ze vragen vrijwel nooit om snoep of koek. De jongste zegt nog wel eens, meestal een half uur na het avondeten: "ik heb honger", maar dat vinden we vrij normaal voor zo´n knaapje in de groei. Verder zijn het absoluut geen drammers. Je kunt er dus vanuit gaan, als ze meer dan eens om iets vragen, dat het belangrijk voor ze is. Het gaat in die zeldzame gevallen dan om een crossfiets, Nintendo of een huisdier, liefst een poes. Het zegt dus nogal wat dat L. de afgelopen tijd al verschillende keren heeft gevraagd om de zelfgemaakte ketchup van mijn broer. Dat doet ze alleen als het echt goed is... En daar heeft ze eerlijk gezegd wel gelijk in. Hij maakt geweldige ketchup, en af en toe krijgen we een flesje. Dat wordt dan door L. gekoesterd: op spaarzame momenten, meestal bij de tosti, schudt ze onder grote concentratie voorzichtig een klein beetje uit de fles & geniet. De meeste recepten van broerlief zijn mij inmiddels bekend, maar op de een of andere manier weet ik nog steeds niet precies hoe hij zijn eigen ketchup maakt. Hij heeft het ooit wel eens zo ongeveer verteld, en toen was de conclusie, zoals altijd: het geheim is dat er geen geheim is, namelijk alleen maar gewone, goede ingrediënten gebruiken in de juiste volgorde, in de juiste hoeveelheden... Mijn eerste aanvechting is dan ook: gauw dat recept bij hem opvragen en er zelf heel veel van maken! Maar soms moet je weten wat je plek is, en dat accepteren. Nog afgezien van de verwerpelijk eigenwijze, egoïstische en neurotische neiging om Altijd Alles Zelf te Willen Doen, vind ik het wel mooi om te beseffen dat niet alles op elk moment onder handbereik ligt. 
Geduld, daar gaat het om, net als die oeroude commercial van Heinz, waarin iemand blijft staren naar een omgekeerde fles, in de overtuiging dat die overheerlijke druppel tomatenketchup eens zal vallen. En aan het einde van een (zelfs voor de jaren zeventig) tergend langdurig shot, gebeurt dat uiteindelijk ook. Prachtig.

dinsdag 28 februari 2012

offline


Gek is dat: ik kijk bijna geen televisie meer, en toch vraag ik nog regelmatig of er vanavond nog wat op tv is...
Het gaat mij er nu even niet om dat ik het type ben dat zoiets liever aan iemand anders vraagt, dan zelf even in de gids te kijken. Het punt is juist, dat ik nog met één been sta in de oude wereld, waarin men consumeerde wat via een beperkt aantal kanalen werd aangeboden, en met het andere in een zelfbewuste generatie die zelf online kiest welke boodschappen en beelden zij tot zich neemt. Van dat soort dingen word je je bewust, als het systeem even hapert. Lees: als de internetverbinding er een flinke tijd uit ligt, zoals gisteren het geval was. Afgezien van de frustratie die het van de buitenwereld afgesloten zijn met zich meebrengt, vond ik het achteraf wel weer komisch dat ik het vertier letterlijk en figuurlijk dicht bij huis moest zoeken:
ik besloot het boek “Groene Hart, van bodem tot bord” te lezen, dat ik een paar dagen eerder in de plaatselijke boekhandel had gezien, en daar niet kon laten liggen. Afgezien van de beroerde titel, die doet vermoeden dat het boek zou gaan over het ambachtelijke proces van rivierklei tot servies, is het verder een aangenaam boek. Verondersteld dat je houdt van alles wat met eten uit de buurt te maken heeft, natuurlijk. Want daar gaat het boek over: streekproducten uit het Groene Hart, met veel informatie en verhalen over de (veelal biologische) producten, makers, bereidingswijzen, historie, etc. En dat doen de schrijvers aan de hand van de maanden van het jaar, waar telkens een bepaald thema aan wordt gekoppeld. Zo is februari de maand van de wintervoorraad. Dit hoofdstuk gaat over honing, jam, wecken, en opbergen.
Aardig van het boek is dat het ook een beetje leest, zoals je tegenwoordig achter de computer van website naar blog, van tweet naar post zit te zappen; het zijn korte en vlotte artikelen die samenhang hebben, maar het thema vanuit verschillende invalshoeken belichten. En de vergelijking met het internet gaat ook op, waar het de gesponsorde boodschappen betreft, want in elk hoofdstuk staan een paar infomercials over relevante producenten, restaurants of kwekers. In dit geval vind ik dat wel prima, en zo weet ik inmiddels dat ik – als ik in de buurt ben – zeker eens bij Corrie van ´Hoeve Rietveld´ in Woerden langs moet gaan, voor haar brede assortiment ambachtelijke chutneys, jams en confituren, die ze daar al sinds jaar en dag maakt. Met de nadruk op jaar, als ik haar foto zo zie. Anyway, in hetzelfde hoofdstuk kan ik bijvoorbeeld lezen wat het verschil is tussen jam (komt van het Engelse ´to jam´ wat in dit geval staat voor ´samenpersen´) en een confiture, waar hele vruchten in zitten. En allerlei andere technische of historische wetenswaardigheden. Wist u bijvoorbeeld al dat het woord ´sprokkelmaand´, komt van het Latijnse woord voor smerig (´Spurcalia´), dat de Romeinen nogal eens gebruikten als ze het hadden over de Germaanse vruchtbaarheidsfeesten die hier in februari plaatsvonden? Ik niet.
Kortom, een leuk boek, dat zelfs een goed alternatief is, als de verbinding met het wereldwijde web het wel gewoon doet.

vrijdag 24 februari 2012

tomatoverzicht

Zie daar, een tomatenplant van een week oud. Sinds vorige week heb ik weer een paar verschillende tomatenplanten gezaaid. Het zijn voor mij bijna allemaal nieuwe soorten, althans als het om kweken gaat: Moneymaker, San Marzano, Ossenhart, Ventura, Ruby Red en Sungold. De laatste is een cherrytomaat; die kennen we omdat het de favoriet is van Hugh Fearnley Whittingstall, onze favoriete tv-dominee op het gebied van zelf kweken en verantwoord aanklooien. Over onze voorgangers gesproken: mijn broer heeft ons een paar andere soorten toegezegd, die hij zelf in de pipeline heeft, dus we hebben deze zomer een gevarieerd aanbod! Ondanks mijn subjectieve en dus overdreven enthousiaste recensies over de kastomaten vorig jaar, was toch niet elke soort een echt groot succes, eerlijk gezegd. De cherrytomaten en de Donna F1 waren altijd geweldig, maar de biologische Matina, en de gele tomaat komen niet meer terug. Ik vond het vooral van die laatste wel jammer: ze waren erg sappig, maar weinig smaakvol. Ik had juist gehoopt op een soort oer-smaak van de eerste ´gouden appels´ die vanuit Zuid-Amerika Europa bereikten, en hun carrière vanzelfsprekend begonnen als ´pomodoro´. Maar ik weet ook wel; vroeger was niet alles automatisch beter.